Vervoeging van opladen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

opladen
to charge, recharge
separable strong weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)laad op
Verleden tijd (ik)laadde op
Voltooid deelwoordopgeladen
Volledige vervoeging van het werkwoord opladen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik laad op
jij laadt op (inversie: laad op jij)
u laadt op
hij/zij/het laadt op
wij laden op
jullie laden op
zij laden op

Verleden tijd

ik laadde op
jij laadde op
u laadde op
hij/zij/het laadde op
wij laadden op
jullie laadden op
zij laadden op

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik oplaad
(dat) jij oplaadt
(dat) u oplaadt
(dat) hij/zij/het oplaadt
(dat) wij opladen
(dat) jullie opladen
(dat) zij opladen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik oplaadde
(dat) jij oplaadde
(dat) u oplaadde
(dat) hij/zij/het oplaadde
(dat) wij oplaadden
(dat) jullie oplaadden
(dat) zij oplaadden

Gebiedende wijs

Imperatief

laad op

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

opladen

Gerundium

opladen

Onvoltooid deelwoord

opladend

Voltooid deelwoord

opgeladen

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.