Vervoeging van opfokken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

opfokken
to excite, wind up, stir up
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)fok op
Verleden tijd (ik)fokte op
Voltooid deelwoordopgefokt
Volledige vervoeging van het werkwoord opfokken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik fok op
jij fokt op (inversie: fok op jij)
u fokt op
hij/zij/het fokt op
wij fokken op
jullie fokken op
zij fokken op

Verleden tijd

ik fokte op
jij fokte op
u fokte op
hij/zij/het fokte op
wij fokten op
jullie fokten op
zij fokten op

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik opfok
(dat) jij opfokt
(dat) u opfokt
(dat) hij/zij/het opfokt
(dat) wij opfokken
(dat) jullie opfokken
(dat) zij opfokken

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik opfokte
(dat) jij opfokte
(dat) u opfokte
(dat) hij/zij/het opfokte
(dat) wij opfokten
(dat) jullie opfokten
(dat) zij opfokten

Gebiedende wijs

Imperatief

fok op

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

opfokken

Gerundium

opfokken

Onvoltooid deelwoord

opfokkend

Voltooid deelwoord

opgefokt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.