Vervoeging van openlaten

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

openlaten
to leave open
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)laat open
Verleden tijd (ik)liet open
Voltooid deelwoordopengelaten
Volledige vervoeging van het werkwoord openlaten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik laat open
jij laat open
u laat open
hij/zij/het laat open
wij laten open
jullie laten open
zij laten open

Verleden tijd

ik liet open
jij liet open
u liet open
hij/zij/het liet open
wij lieten open
jullie lieten open
zij lieten open

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik openlaat
(dat) jij openlaat
(dat) u openlaat
(dat) hij/zij/het openlaat
(dat) wij openlaten
(dat) jullie openlaten
(dat) zij openlaten

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik openliet
(dat) jij openliet
(dat) u openliet
(dat) hij/zij/het openliet
(dat) wij openlieten
(dat) jullie openlieten
(dat) zij openlieten

Gebiedende wijs

Imperatief

laat open

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

openlaten

Gerundium

openlaten

Onvoltooid deelwoord

openlatend

Voltooid deelwoord

opengelaten

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.