Vervoeging van opdrijven

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

opdrijven
to drive up
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)drijf op
Verleden tijd (ik)dreef op
Voltooid deelwoordopgedreven
Volledige vervoeging van het werkwoord opdrijven: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik drijf op
jij drijft op (inversie: drijf op jij)
u drijft op
hij/zij/het drijft op
wij drijven op
jullie drijven op
zij drijven op

Verleden tijd

ik dreef op
jij dreef op
u dreef op
hij/zij/het dreef op
wij dreven op
jullie dreven op
zij dreven op

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik opdrijf
(dat) jij opdrijft
(dat) u opdrijft
(dat) hij/zij/het opdrijft
(dat) wij opdrijven
(dat) jullie opdrijven
(dat) zij opdrijven

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik opdreef
(dat) jij opdreef
(dat) u opdreef
(dat) hij/zij/het opdreef
(dat) wij opdreven
(dat) jullie opdreven
(dat) zij opdreven

Gebiedende wijs

Imperatief

drijf op

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

opdrijven

Gerundium

opdrijven

Onvoltooid deelwoord

opdrijvend

Voltooid deelwoord

opgedreven

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.