2 verschillende werkwoorden « ontmelken »:
ontmelken — to milk, to extract milk · ontmelken — to remove milk from
to milk, to extract milk
Tegenwoordige tijd (ik)ontmelk
Verleden tijd (ik)ontmolk
Voltooid deelwoordontmolken
Volledige vervoeging van het werkwoord ontmelken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik ontmelk
jij ontmelkt (inversie: ontmelk jij)
u ontmelkt
hij/zij/het ontmelkt
wij ontmelken
jullie ontmelken
zij ontmelken
Verleden tijd
ik ontmolk
jij ontmolk
u ontmolk
hij/zij/het ontmolk
wij ontmolken
jullie ontmolken
zij ontmolken
Gebiedende wijs
Imperatief
ontmelk
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
ontmelken
Gerundium
ontmelken
Onvoltooid deelwoord
ontmelkend
Voltooid deelwoord
ontmolken
to remove milk from
Tegenwoordige tijd (ik)ontmelk
Verleden tijd (ik)ontmelkte
Voltooid deelwoordontmelkt
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik ontmelk
jij ontmelkt (inversie: ontmelk jij)
u ontmelkt
hij/zij/het ontmelkt
wij ontmelken
jullie ontmelken
zij ontmelken
Verleden tijd
ik ontmelkte
jij ontmelkte
u ontmelkte
hij/zij/het ontmelkte
wij ontmelkten
jullie ontmelkten
zij ontmelkten
Gebiedende wijs
Imperatief
ontmelk
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
ontmelken
Gerundium
ontmelken
Onvoltooid deelwoord
ontmelkend
Voltooid deelwoord
ontmelkt
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.