Vervoeging van ontgraten

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

ontgraten
to bone, to remove fishbones
weak
Tegenwoordige tijd (ik)ontgraat
Verleden tijd (ik)ontgraatte
Voltooid deelwoordontgraat
Volledige vervoeging van het werkwoord ontgraten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik ontgraat
jij ontgraat
u ontgraat
hij/zij/het ontgraat
wij ontgraten
jullie ontgraten
zij ontgraten

Verleden tijd

ik ontgraatte
jij ontgraatte
u ontgraatte
hij/zij/het ontgraatte
wij ontgraatten
jullie ontgraatten
zij ontgraatten

Gebiedende wijs

Imperatief

ontgraat

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

ontgraten

Gerundium

ontgraten

Onvoltooid deelwoord

ontgratend

Voltooid deelwoord

ontgraat

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.