Vervoeging van ontbundelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

ontbundelen
to unbundle, to decouple
weak
Tegenwoordige tijd (ik)ontbundel
Verleden tijd (ik)ontbundelde
Voltooid deelwoordontbundeld
Volledige vervoeging van het werkwoord ontbundelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik ontbundel
jij ontbundelt (inversie: ontbundel jij)
u ontbundelt
hij/zij/het ontbundelt
wij ontbundelen
jullie ontbundelen
zij ontbundelen

Verleden tijd

ik ontbundelde
jij ontbundelde
u ontbundelde
hij/zij/het ontbundelde
wij ontbundelden
jullie ontbundelden
zij ontbundelden

Gebiedende wijs

Imperatief

ontbundel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

ontbundelen

Gerundium

ontbundelen

Onvoltooid deelwoord

ontbundelend

Voltooid deelwoord

ontbundeld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.