Vervoeging van omtrekken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

2 verschillende werkwoorden « omtrekken »: omtrekken — to pull over, to make fall down · omtrekken — to surround, cover around
omtrekken
to pull over, to make fall down
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)trek om
Verleden tijd (ik)trok om
Voltooid deelwoordomgetrokken
Volledige vervoeging van het werkwoord omtrekken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik trek om
jij trekt om (inversie: trek om jij)
u trekt om
hij/zij/het trekt om
wij trekken om
jullie trekken om
zij trekken om

Verleden tijd

ik trok om
jij trok om
u trok om
hij/zij/het trok om
wij trokken om
jullie trokken om
zij trokken om

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik omtrek
(dat) jij omtrekt
(dat) u omtrekt
(dat) hij/zij/het omtrekt
(dat) wij omtrekken
(dat) jullie omtrekken
(dat) zij omtrekken

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik omtrok
(dat) jij omtrok
(dat) u omtrok
(dat) hij/zij/het omtrok
(dat) wij omtrokken
(dat) jullie omtrokken
(dat) zij omtrokken

Gebiedende wijs

Imperatief

trek om

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

omtrekken

Gerundium

omtrekken

Onvoltooid deelwoord

omtrekkend

Voltooid deelwoord

omgetrokken
omtrekken
to surround, cover around
strong
Tegenwoordige tijd (ik)omtrek
Verleden tijd (ik)omtrok
Voltooid deelwoordomtrokken

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik omtrek
jij omtrekt (inversie: omtrek jij)
u omtrekt
hij/zij/het omtrekt
wij omtrekken
jullie omtrekken
zij omtrekken

Verleden tijd

ik omtrok
jij omtrok
u omtrok
hij/zij/het omtrok
wij omtrokken
jullie omtrokken
zij omtrokken

Gebiedende wijs

Imperatief

omtrek

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

omtrekken

Gerundium

omtrekken

Onvoltooid deelwoord

omtrekkend

Voltooid deelwoord

omtrokken

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.