Vervoeging van omringen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

omringen
to surround
weak
Tegenwoordige tijd (ik)omring
Verleden tijd (ik)omringde
Voltooid deelwoordomringd
Volledige vervoeging van het werkwoord omringen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik omring
jij omringt (inversie: omring jij)
u omringt
hij/zij/het omringt
wij omringen
jullie omringen
zij omringen

Verleden tijd

ik omringde
jij omringde
u omringde
hij/zij/het omringde
wij omringden
jullie omringden
zij omringden

Gebiedende wijs

Imperatief

omring

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

omringen

Gerundium

omringen

Onvoltooid deelwoord

omringend

Voltooid deelwoord

omringd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.