Vervoeging van omarmen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

omarmen
to embrace, to put arms around
weak
Tegenwoordige tijd (ik)omarm
Verleden tijd (ik)omarmde
Voltooid deelwoordomarmd
Volledige vervoeging van het werkwoord omarmen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik omarm
jij omarmt (inversie: omarm jij)
u omarmt
hij/zij/het omarmt
wij omarmen
jullie omarmen
zij omarmen

Verleden tijd

ik omarmde
jij omarmde
u omarmde
hij/zij/het omarmde
wij omarmden
jullie omarmden
zij omarmden

Gebiedende wijs

Imperatief

omarm

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

omarmen

Gerundium

omarmen

Onvoltooid deelwoord

omarmend

Voltooid deelwoord

omarmd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.