to hoot (of owls)
Tegenwoordige tijd (ik)oehoe
Verleden tijd (ik)oehoede
Voltooid deelwoordgeoehoed
Volledige vervoeging van het werkwoord oehoeën: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik oehoe
jij oehoet (inversie: oehoe jij)
u oehoet
hij/zij/het oehoet
wij oehoeën
jullie oehoeën
zij oehoeën
Verleden tijd
ik oehoede
jij oehoede
u oehoede
hij/zij/het oehoede
wij oehoeden
jullie oehoeden
zij oehoeden
Gebiedende wijs
Imperatief
oehoe
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
oehoeën
Gerundium
oehoeën
Onvoltooid deelwoord
oehoeënd
Voltooid deelwoord
geoehoed
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.