Vervoeging van neersteken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

neersteken
to stab (in order to injure or kill)
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)steek neer
Verleden tijd (ik)stak neer
Voltooid deelwoordneergestoken
Volledige vervoeging van het werkwoord neersteken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik steek neer
jij steekt neer (inversie: steek neer jij)
u steekt neer
hij/zij/het steekt neer
wij steken neer
jullie steken neer
zij steken neer

Verleden tijd

ik stak neer
jij stak neer
u stak neer
hij/zij/het stak neer
wij staken neer
jullie staken neer
zij staken neer

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik neersteek
(dat) jij neersteekt
(dat) u neersteekt
(dat) hij/zij/het neersteekt
(dat) wij neersteken
(dat) jullie neersteken
(dat) zij neersteken

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik neerstak
(dat) jij neerstak
(dat) u neerstak
(dat) hij/zij/het neerstak
(dat) wij neerstaken
(dat) jullie neerstaken
(dat) zij neerstaken

Gebiedende wijs

Imperatief

steek neer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

neersteken

Gerundium

neersteken

Onvoltooid deelwoord

neerstekend

Voltooid deelwoord

neergestoken

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.