dated form of neerzitten
Tegenwoordige tijd (ik)zit neder
Verleden tijd (ik)zat neder
Voltooid deelwoordnedergezeten
Volledige vervoeging van het werkwoord nederzitten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik zit neder
jij zit neder
u zit neder
hij/zij/het zit neder
wij zitten neder
jullie zitten neder
zij zitten neder
Verleden tijd
ik zat neder
jij zat neder
u zat neder
hij/zij/het zat neder
wij zaten neder
jullie zaten neder
zij zaten neder
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik nederzit
(dat) jij nederzit
(dat) u nederzit
(dat) hij/zij/het nederzit
(dat) wij nederzitten
(dat) jullie nederzitten
(dat) zij nederzitten
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik nederzat
(dat) jij nederzat
(dat) u nederzat
(dat) hij/zij/het nederzat
(dat) wij nederzaten
(dat) jullie nederzaten
(dat) zij nederzaten
Gebiedende wijs
Imperatief
zit neder
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
nederzitten
Gerundium
nederzitten
Onvoltooid deelwoord
nederzittend
Voltooid deelwoord
nedergezeten
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.