Vervoeging van navorsen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

navorsen
to research, investigate
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)vors na
Verleden tijd (ik)vorste na
Voltooid deelwoordnagevorst
Volledige vervoeging van het werkwoord navorsen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik vors na
jij vorst na (inversie: vors na jij)
u vorst na
hij/zij/het vorst na
wij vorsen na
jullie vorsen na
zij vorsen na

Verleden tijd

ik vorste na
jij vorste na
u vorste na
hij/zij/het vorste na
wij vorsten na
jullie vorsten na
zij vorsten na

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik navors
(dat) jij navorst
(dat) u navorst
(dat) hij/zij/het navorst
(dat) wij navorsen
(dat) jullie navorsen
(dat) zij navorsen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik navorste
(dat) jij navorste
(dat) u navorste
(dat) hij/zij/het navorste
(dat) wij navorsten
(dat) jullie navorsten
(dat) zij navorsten

Gebiedende wijs

Imperatief

vors na

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

navorsen

Gerundium

navorsen

Onvoltooid deelwoord

navorsend

Voltooid deelwoord

nagevorst

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.