to misuse, to abuse (one's power)
Tegenwoordige tijd (ik)misbruik
Verleden tijd (ik)misbruikte
Voltooid deelwoordmisbruikt
Volledige vervoeging van het werkwoord misbruiken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik misbruik
jij misbruikt (inversie: misbruik jij)
u misbruikt
hij/zij/het misbruikt
wij misbruiken
jullie misbruiken
zij misbruiken
Verleden tijd
ik misbruikte
jij misbruikte
u misbruikte
hij/zij/het misbruikte
wij misbruikten
jullie misbruikten
zij misbruikten
Gebiedende wijs
Imperatief
misbruik
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
misbruiken
Gerundium
misbruiken
Onvoltooid deelwoord
misbruikend
Voltooid deelwoord
misbruikt
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.