to measure
Tegenwoordige tijd (ik)meet
Verleden tijd (ik)mat
Voltooid deelwoordgemeten
Volledige vervoeging van het werkwoord meten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik meet
jij meet
u meet
hij/zij/het meet
wij meten
jullie meten
zij meten
Verleden tijd
ik mat
jij mat
u mat
hij/zij/het mat
wij maten
jullie maten
zij maten
Gebiedende wijs
Imperatief
meet
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
meten
Gerundium
meten
Onvoltooid deelwoord
metend
Voltooid deelwoord
gemeten
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.