2 verschillende werkwoorden « malen »:
malen — to grind · malen — to paint
to grind
Tegenwoordige tijd (ik)maal
Verleden tijd (ik)maalde
Voltooid deelwoordgemalen
Volledige vervoeging van het werkwoord malen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik maal
jij maalt (inversie: maal jij)
u maalt
hij/zij/het maalt
wij malen
jullie malen
zij malen
Verleden tijd
ik maalde
jij maalde
u maalde
hij/zij/het maalde
wij maalden
jullie maalden
zij maalden
Gebiedende wijs
Imperatief
maal
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
malen
Gerundium
malen
Onvoltooid deelwoord
malend
Voltooid deelwoord
gemalen
to paint
Tegenwoordige tijd (ik)maal
Verleden tijd (ik)maalde
Voltooid deelwoordgemaald
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik maal
jij maalt (inversie: maal jij)
u maalt
hij/zij/het maalt
wij malen
jullie malen
zij malen
Verleden tijd
ik maalde
jij maalde
u maalde
hij/zij/het maalde
wij maalden
jullie maalden
zij maalden
Gebiedende wijs
Imperatief
maal
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
malen
Gerundium
malen
Onvoltooid deelwoord
malend
Voltooid deelwoord
gemaald
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.