to succeed, to work, to go right
Tegenwoordige tijd (ik)luk
Verleden tijd (ik)lukte
Voltooid deelwoordgelukt
Volledige vervoeging van het werkwoord lukken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik luk
jij lukt (inversie: luk jij)
u lukt
hij/zij/het lukt
wij lukken
jullie lukken
zij lukken
Verleden tijd
ik lukte
jij lukte
u lukte
hij/zij/het lukte
wij lukten
jullie lukten
zij lukten
Gebiedende wijs
Imperatief
luk
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
lukken
Gerundium
lukken
Onvoltooid deelwoord
lukkend
Voltooid deelwoord
gelukt
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.