Vervoeging van liplezen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

liplezen
to read lips
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)lees lip
Verleden tijd (ik)las lip
Voltooid deelwoordlipgelezen
Volledige vervoeging van het werkwoord liplezen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik lees lip
jij leest lip (inversie: lees lip jij)
u leest lip
hij/zij/het leest lip
wij lezen lip
jullie lezen lip
zij lezen lip

Verleden tijd

ik las lip
jij las lip
u las lip
hij/zij/het las lip
wij lazen lip
jullie lazen lip
zij lazen lip

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik liplees
(dat) jij lipleest
(dat) u lipleest
(dat) hij/zij/het lipleest
(dat) wij liplezen
(dat) jullie liplezen
(dat) zij liplezen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik liplas
(dat) jij liplas
(dat) u liplas
(dat) hij/zij/het liplas
(dat) wij liplazen
(dat) jullie liplazen
(dat) zij liplazen

Gebiedende wijs

Imperatief

lees lip

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

liplezen

Gerundium

liplezen

Onvoltooid deelwoord

liplezend

Voltooid deelwoord

lipgelezen

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.