Vervoeging van lepelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

lepelen
to spoon
weak
Tegenwoordige tijd (ik)lepel
Verleden tijd (ik)lepelde
Voltooid deelwoordgelepeld
Volledige vervoeging van het werkwoord lepelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik lepel
jij lepelt (inversie: lepel jij)
u lepelt
hij/zij/het lepelt
wij lepelen
jullie lepelen
zij lepelen

Verleden tijd

ik lepelde
jij lepelde
u lepelde
hij/zij/het lepelde
wij lepelden
jullie lepelden
zij lepelden

Gebiedende wijs

Imperatief

lepel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

lepelen

Gerundium

lepelen

Onvoltooid deelwoord

lepelend

Voltooid deelwoord

gelepeld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.