Vervoeging van leidinggeven

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

leidinggeven
to manage
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)geef leiding
Verleden tijd (ik)gaf leiding
Voltooid deelwoordleidinggegeven
Volledige vervoeging van het werkwoord leidinggeven: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik geef leiding
jij geeft leiding (inversie: geef leiding jij)
u geeft leiding
hij/zij/het geeft leiding
wij geven leiding
jullie geven leiding
zij geven leiding

Verleden tijd

ik gaf leiding
jij gaf leiding
u gaf leiding
hij/zij/het gaf leiding
wij gaven leiding
jullie gaven leiding
zij gaven leiding

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik leidinggeef
(dat) jij leidinggeeft
(dat) u leidinggeeft
(dat) hij/zij/het leidinggeeft
(dat) wij leidinggeven
(dat) jullie leidinggeven
(dat) zij leidinggeven

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik leidinggaf
(dat) jij leidinggaf
(dat) u leidinggaf
(dat) hij/zij/het leidinggaf
(dat) wij leidinggaven
(dat) jullie leidinggaven
(dat) zij leidinggaven

Gebiedende wijs

Imperatief

geef leiding

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

leidinggeven

Gerundium

leidinggeven

Onvoltooid deelwoord

leidinggevend

Voltooid deelwoord

leidinggegeven

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.