to empty
Tegenwoordige tijd (ik)maak leeg
Verleden tijd (ik)maakte leeg
Voltooid deelwoordleeggemaakt
Volledige vervoeging van het werkwoord leegmaken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik maak leeg
jij maakt leeg (inversie: maak leeg jij)
u maakt leeg
hij/zij/het maakt leeg
wij maken leeg
jullie maken leeg
zij maken leeg
Verleden tijd
ik maakte leeg
jij maakte leeg
u maakte leeg
hij/zij/het maakte leeg
wij maakten leeg
jullie maakten leeg
zij maakten leeg
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik leegmaak
(dat) jij leegmaakt
(dat) u leegmaakt
(dat) hij/zij/het leegmaakt
(dat) wij leegmaken
(dat) jullie leegmaken
(dat) zij leegmaken
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik leegmaakte
(dat) jij leegmaakte
(dat) u leegmaakte
(dat) hij/zij/het leegmaakte
(dat) wij leegmaakten
(dat) jullie leegmaakten
(dat) zij leegmaakten
Gebiedende wijs
Imperatief
maak leeg
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
leegmaken
Gerundium
leegmaken
Onvoltooid deelwoord
leegmakend
Voltooid deelwoord
leeggemaakt
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.