Vervoeging van lebberen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

lebberen
to lick audibly
weak
Tegenwoordige tijd (ik)lebber
Verleden tijd (ik)lebberde
Voltooid deelwoordgelebberd
Volledige vervoeging van het werkwoord lebberen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik lebber
jij lebbert (inversie: lebber jij)
u lebbert
hij/zij/het lebbert
wij lebberen
jullie lebberen
zij lebberen

Verleden tijd

ik lebberde
jij lebberde
u lebberde
hij/zij/het lebberde
wij lebberden
jullie lebberden
zij lebberden

Gebiedende wijs

Imperatief

lebber

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

lebberen

Gerundium

lebberen

Onvoltooid deelwoord

lebberend

Voltooid deelwoord

gelebberd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.