Vervoeging van knibbelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

knibbelen
to haggle
weak
Tegenwoordige tijd (ik)knibbel
Verleden tijd (ik)knibbelde
Voltooid deelwoordgeknibbeld
Volledige vervoeging van het werkwoord knibbelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik knibbel
jij knibbelt (inversie: knibbel jij)
u knibbelt
hij/zij/het knibbelt
wij knibbelen
jullie knibbelen
zij knibbelen

Verleden tijd

ik knibbelde
jij knibbelde
u knibbelde
hij/zij/het knibbelde
wij knibbelden
jullie knibbelden
zij knibbelden

Gebiedende wijs

Imperatief

knibbel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

knibbelen

Gerundium

knibbelen

Onvoltooid deelwoord

knibbelend

Voltooid deelwoord

geknibbeld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.