to tell time
Tegenwoordige tijd (ik)kijk klok
Verleden tijd (ik)keek klok
Voltooid deelwoordklokgekeken
Volledige vervoeging van het werkwoord klokkijken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik kijk klok
jij kijkt klok (inversie: kijk klok jij)
u kijkt klok
hij/zij/het kijkt klok
wij kijken klok
jullie kijken klok
zij kijken klok
Verleden tijd
ik keek klok
jij keek klok
u keek klok
hij/zij/het keek klok
wij keken klok
jullie keken klok
zij keken klok
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik klokkijk
(dat) jij klokkijkt
(dat) u klokkijkt
(dat) hij/zij/het klokkijkt
(dat) wij klokkijken
(dat) jullie klokkijken
(dat) zij klokkijken
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik klokkeek
(dat) jij klokkeek
(dat) u klokkeek
(dat) hij/zij/het klokkeek
(dat) wij klokkeken
(dat) jullie klokkeken
(dat) zij klokkeken
Gebiedende wijs
Imperatief
kijk klok
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
klokkijken
Gerundium
klokkijken
Onvoltooid deelwoord
klokkijkend
Voltooid deelwoord
klokgekeken
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.