Vervoeging van kennismaken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

kennismaken
to acquaint, to make someone's acquaintance
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)maak kennis
Verleden tijd (ik)maakte kennis
Voltooid deelwoordkennisgemaakt
Volledige vervoeging van het werkwoord kennismaken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik maak kennis
jij maakt kennis (inversie: maak kennis jij)
u maakt kennis
hij/zij/het maakt kennis
wij maken kennis
jullie maken kennis
zij maken kennis

Verleden tijd

ik maakte kennis
jij maakte kennis
u maakte kennis
hij/zij/het maakte kennis
wij maakten kennis
jullie maakten kennis
zij maakten kennis

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik kennismaak
(dat) jij kennismaakt
(dat) u kennismaakt
(dat) hij/zij/het kennismaakt
(dat) wij kennismaken
(dat) jullie kennismaken
(dat) zij kennismaken

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik kennismaakte
(dat) jij kennismaakte
(dat) u kennismaakte
(dat) hij/zij/het kennismaakte
(dat) wij kennismaakten
(dat) jullie kennismaakten
(dat) zij kennismaakten

Gebiedende wijs

Imperatief

maak kennis

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

kennismaken

Gerundium

kennismaken

Onvoltooid deelwoord

kennismakend

Voltooid deelwoord

kennisgemaakt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.