Vervoeging van kaltstellen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

kaltstellen
to silence, shut up, repress
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)stel kalt
Verleden tijd (ik)stelde kalt
Voltooid deelwoordkaltgesteld
Volledige vervoeging van het werkwoord kaltstellen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik stel kalt
jij stelt kalt (inversie: stel kalt jij)
u stelt kalt
hij/zij/het stelt kalt
wij stellen kalt
jullie stellen kalt
zij stellen kalt

Verleden tijd

ik stelde kalt
jij stelde kalt
u stelde kalt
hij/zij/het stelde kalt
wij stelden kalt
jullie stelden kalt
zij stelden kalt

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik kaltstel
(dat) jij kaltstelt
(dat) u kaltstelt
(dat) hij/zij/het kaltstelt
(dat) wij kaltstellen
(dat) jullie kaltstellen
(dat) zij kaltstellen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik kaltstelde
(dat) jij kaltstelde
(dat) u kaltstelde
(dat) hij/zij/het kaltstelde
(dat) wij kaltstelden
(dat) jullie kaltstelden
(dat) zij kaltstelden

Gebiedende wijs

Imperatief

stel kalt

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

kaltstellen

Gerundium

kaltstellen

Onvoltooid deelwoord

kaltstellend

Voltooid deelwoord

kaltgesteld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.