to give birth, to have offspring, i.e. to deliver one or more young
Tegenwoordige tijd (ik)jong
Verleden tijd (ik)jongde
Voltooid deelwoordgejongd
Volledige vervoeging van het werkwoord jongen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik jong
jij jongt (inversie: jong jij)
u jongt
hij/zij/het jongt
wij jongen
jullie jongen
zij jongen
Verleden tijd
ik jongde
jij jongde
u jongde
hij/zij/het jongde
wij jongden
jullie jongden
zij jongden
Gebiedende wijs
Imperatief
jong
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
jongen
Gerundium
jongen
Onvoltooid deelwoord
jongend
Voltooid deelwoord
gejongd
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.