Vervoeging van joggen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

joggen
to jog
weak
Tegenwoordige tijd (ik)jog
Verleden tijd (ik)jogde
Voltooid deelwoordgejogd
Volledige vervoeging van het werkwoord joggen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik jog
jij jogt (inversie: jog jij)
u jogt
hij/zij/het jogt
wij joggen
jullie joggen
zij joggen

Verleden tijd

ik jogde
jij jogde
u jogde
hij/zij/het jogde
wij jogden
jullie jogden
zij jogden

Gebiedende wijs

Imperatief

jog

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

joggen

Gerundium

joggen

Onvoltooid deelwoord

joggend

Voltooid deelwoord

gejogd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.