to shout, to cry out, to bawl
Tegenwoordige tijd (ik)joel
Verleden tijd (ik)joelde
Voltooid deelwoordgejoeld
Volledige vervoeging van het werkwoord joelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik joel
jij joelt (inversie: joel jij)
u joelt
hij/zij/het joelt
wij joelen
jullie joelen
zij joelen
Verleden tijd
ik joelde
jij joelde
u joelde
hij/zij/het joelde
wij joelden
jullie joelden
zij joelden
Gebiedende wijs
Imperatief
joel
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
joelen
Gerundium
joelen
Onvoltooid deelwoord
joelend
Voltooid deelwoord
gejoeld
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.