Vervoeging van jeremiëren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

jeremiëren
to lament, to wail
weak
Tegenwoordige tijd (ik)jeremieer
Verleden tijd (ik)jeremieerde
Voltooid deelwoordgejeremieerd
Volledige vervoeging van het werkwoord jeremiëren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik jeremieer
jij jeremieert (inversie: jeremieer jij)
u jeremieert
hij/zij/het jeremieert
wij jeremiëren
jullie jeremiëren
zij jeremiëren

Verleden tijd

ik jeremieerde
jij jeremieerde
u jeremieerde
hij/zij/het jeremieerde
wij jeremieerden
jullie jeremieerden
zij jeremieerden

Gebiedende wijs

Imperatief

jeremieer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

jeremiëren

Gerundium

jeremiëren

Onvoltooid deelwoord

jeremiërend

Voltooid deelwoord

gejeremieerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.