Vervoeging van inzetten

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

inzetten
to insert
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)zet in
Verleden tijd (ik)zette in
Voltooid deelwoordingezet
Volledige vervoeging van het werkwoord inzetten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zet in
jij zet in
u zet in
hij/zij/het zet in
wij zetten in
jullie zetten in
zij zetten in

Verleden tijd

ik zette in
jij zette in
u zette in
hij/zij/het zette in
wij zetten in
jullie zetten in
zij zetten in

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik inzet
(dat) jij inzet
(dat) u inzet
(dat) hij/zij/het inzet
(dat) wij inzetten
(dat) jullie inzetten
(dat) zij inzetten

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik inzette
(dat) jij inzette
(dat) u inzette
(dat) hij/zij/het inzette
(dat) wij inzetten
(dat) jullie inzetten
(dat) zij inzetten

Gebiedende wijs

Imperatief

zet in

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

inzetten

Gerundium

inzetten

Onvoltooid deelwoord

inzettend

Voltooid deelwoord

ingezet

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.