Vervoeging van instemmen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

instemmen
to agree
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)stem in
Verleden tijd (ik)stemde in
Voltooid deelwoordingestemd
Volledige vervoeging van het werkwoord instemmen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik stem in
jij stemt in (inversie: stem in jij)
u stemt in
hij/zij/het stemt in
wij stemmen in
jullie stemmen in
zij stemmen in

Verleden tijd

ik stemde in
jij stemde in
u stemde in
hij/zij/het stemde in
wij stemden in
jullie stemden in
zij stemden in

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik instem
(dat) jij instemt
(dat) u instemt
(dat) hij/zij/het instemt
(dat) wij instemmen
(dat) jullie instemmen
(dat) zij instemmen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik instemde
(dat) jij instemde
(dat) u instemde
(dat) hij/zij/het instemde
(dat) wij instemden
(dat) jullie instemden
(dat) zij instemden

Gebiedende wijs

Imperatief

stem in

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

instemmen

Gerundium

instemmen

Onvoltooid deelwoord

instemmend

Voltooid deelwoord

ingestemd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.