Vervoeging van insluipen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

insluipen
to slip through, to creep in
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)sluip in
Verleden tijd (ik)sloop in
Voltooid deelwoordingeslopen
Volledige vervoeging van het werkwoord insluipen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik sluip in
jij sluipt in (inversie: sluip in jij)
u sluipt in
hij/zij/het sluipt in
wij sluipen in
jullie sluipen in
zij sluipen in

Verleden tijd

ik sloop in
jij sloop in
u sloop in
hij/zij/het sloop in
wij slopen in
jullie slopen in
zij slopen in

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik insluip
(dat) jij insluipt
(dat) u insluipt
(dat) hij/zij/het insluipt
(dat) wij insluipen
(dat) jullie insluipen
(dat) zij insluipen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik insloop
(dat) jij insloop
(dat) u insloop
(dat) hij/zij/het insloop
(dat) wij inslopen
(dat) jullie inslopen
(dat) zij inslopen

Gebiedende wijs

Imperatief

sluip in

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

insluipen

Gerundium

insluipen

Onvoltooid deelwoord

insluipend

Voltooid deelwoord

ingeslopen

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.