Vervoeging van inslikken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

inslikken
to ingest, to swallow
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)slik in
Verleden tijd (ik)slikte in
Voltooid deelwoordingeslikt
Volledige vervoeging van het werkwoord inslikken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik slik in
jij slikt in (inversie: slik in jij)
u slikt in
hij/zij/het slikt in
wij slikken in
jullie slikken in
zij slikken in

Verleden tijd

ik slikte in
jij slikte in
u slikte in
hij/zij/het slikte in
wij slikten in
jullie slikten in
zij slikten in

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik inslik
(dat) jij inslikt
(dat) u inslikt
(dat) hij/zij/het inslikt
(dat) wij inslikken
(dat) jullie inslikken
(dat) zij inslikken

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik inslikte
(dat) jij inslikte
(dat) u inslikte
(dat) hij/zij/het inslikte
(dat) wij inslikten
(dat) jullie inslikten
(dat) zij inslikten

Gebiedende wijs

Imperatief

slik in

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

inslikken

Gerundium

inslikken

Onvoltooid deelwoord

inslikkend

Voltooid deelwoord

ingeslikt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.