Vervoeging van indijken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

indijken
To dike in, to enclose with dikes; to empolder.
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)dijk in
Verleden tijd (ik)dijkte in
Voltooid deelwoordingedijkt
Volledige vervoeging van het werkwoord indijken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik dijk in
jij dijkt in (inversie: dijk in jij)
u dijkt in
hij/zij/het dijkt in
wij dijken in
jullie dijken in
zij dijken in

Verleden tijd

ik dijkte in
jij dijkte in
u dijkte in
hij/zij/het dijkte in
wij dijkten in
jullie dijkten in
zij dijkten in

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik indijk
(dat) jij indijkt
(dat) u indijkt
(dat) hij/zij/het indijkt
(dat) wij indijken
(dat) jullie indijken
(dat) zij indijken

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik indijkte
(dat) jij indijkte
(dat) u indijkte
(dat) hij/zij/het indijkte
(dat) wij indijkten
(dat) jullie indijkten
(dat) zij indijkten

Gebiedende wijs

Imperatief

dijk in

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

indijken

Gerundium

indijken

Onvoltooid deelwoord

indijkend

Voltooid deelwoord

ingedijkt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.