Vervoeging van ijsberen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

ijsberen
to pace back and forth
weak
Tegenwoordige tijd (ik)ijsbeer
Verleden tijd (ik)ijsbeerde
Voltooid deelwoordgeijsbeerd
Volledige vervoeging van het werkwoord ijsberen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik ijsbeer
jij ijsbeert (inversie: ijsbeer jij)
u ijsbeert
hij/zij/het ijsbeert
wij ijsberen
jullie ijsberen
zij ijsberen

Verleden tijd

ik ijsbeerde
jij ijsbeerde
u ijsbeerde
hij/zij/het ijsbeerde
wij ijsbeerden
jullie ijsbeerden
zij ijsbeerden

Gebiedende wijs

Imperatief

ijsbeer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

ijsberen

Gerundium

ijsberen

Onvoltooid deelwoord

ijsberend

Voltooid deelwoord

geijsbeerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.