Vervoeging van hooren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

hooren
obsolete spelling of horen
weak
Tegenwoordige tijd (ik)hoor
Verleden tijd (ik)hoorde
Voltooid deelwoordgehoord
Volledige vervoeging van het werkwoord hooren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik hoor
jij hoort (inversie: hoor jij)
u hoort
hij/zij/het hoort
wij hooren
jullie hooren
zij hooren

Verleden tijd

ik hoorde
jij hoorde
u hoorde
hij/zij/het hoorde
wij hoorden
jullie hoorden
zij hoorden

Gebiedende wijs

Imperatief

hoor

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

hooren

Gerundium

hooren

Onvoltooid deelwoord

hoorend

Voltooid deelwoord

gehoord

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.