Vervoeging van heuvelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

heuvelen
to be hilly
weak
Tegenwoordige tijd (ik)heuvel
Verleden tijd (ik)heuvelde
Voltooid deelwoordgeheuveld
Volledige vervoeging van het werkwoord heuvelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik heuvel
jij heuvelt (inversie: heuvel jij)
u heuvelt
hij/zij/het heuvelt
wij heuvelen
jullie heuvelen
zij heuvelen

Verleden tijd

ik heuvelde
jij heuvelde
u heuvelde
hij/zij/het heuvelde
wij heuvelden
jullie heuvelden
zij heuvelden

Gebiedende wijs

Imperatief

heuvel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

heuvelen

Gerundium

heuvelen

Onvoltooid deelwoord

heuvelend

Voltooid deelwoord

geheuveld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.