Vervoeging van heerschen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

heerschen
obsolete spelling of heersen
weak
Tegenwoordige tijd (ik)heersch
Verleden tijd (ik)heerschte
Voltooid deelwoordgeheerscht
Volledige vervoeging van het werkwoord heerschen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik heersch
jij heerscht (inversie: heersch jij)
u heerscht
hij/zij/het heerscht
wij heerschen
jullie heerschen
zij heerschen

Verleden tijd

ik heerschte
jij heerschte
u heerschte
hij/zij/het heerschte
wij heerschten
jullie heerschten
zij heerschten

Gebiedende wijs

Imperatief

heersch

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

heerschen

Gerundium

heerschen

Onvoltooid deelwoord

heerschend

Voltooid deelwoord

geheerscht

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.