Vervoeging van handwerken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

handwerken
to handwork
weak
Tegenwoordige tijd (ik)handwerk
Verleden tijd (ik)handwerkte
Voltooid deelwoordgehandwerkt
Volledige vervoeging van het werkwoord handwerken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik handwerk
jij handwerkt (inversie: handwerk jij)
u handwerkt
hij/zij/het handwerkt
wij handwerken
jullie handwerken
zij handwerken

Verleden tijd

ik handwerkte
jij handwerkte
u handwerkte
hij/zij/het handwerkte
wij handwerkten
jullie handwerkten
zij handwerkten

Gebiedende wijs

Imperatief

handwerk

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

handwerken

Gerundium

handwerken

Onvoltooid deelwoord

handwerkend

Voltooid deelwoord

gehandwerkt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.