Vervoeging van handballen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

handballen
to play handball (European rules)
weak
Tegenwoordige tijd (ik)handbal
Verleden tijd (ik)handbalde
Voltooid deelwoordgehandbald
Volledige vervoeging van het werkwoord handballen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik handbal
jij handbalt (inversie: handbal jij)
u handbalt
hij/zij/het handbalt
wij handballen
jullie handballen
zij handballen

Verleden tijd

ik handbalde
jij handbalde
u handbalde
hij/zij/het handbalde
wij handbalden
jullie handbalden
zij handbalden

Gebiedende wijs

Imperatief

handbal

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

handballen

Gerundium

handballen

Onvoltooid deelwoord

handballend

Voltooid deelwoord

gehandbald

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.