Vervoeging van hallucineren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

hallucineren
to hallucinate
weak
Tegenwoordige tijd (ik)hallucineer
Verleden tijd (ik)hallucineerde
Voltooid deelwoordgehallucineerd
Volledige vervoeging van het werkwoord hallucineren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik hallucineer
jij hallucineert (inversie: hallucineer jij)
u hallucineert
hij/zij/het hallucineert
wij hallucineren
jullie hallucineren
zij hallucineren

Verleden tijd

ik hallucineerde
jij hallucineerde
u hallucineerde
hij/zij/het hallucineerde
wij hallucineerden
jullie hallucineerden
zij hallucineerden

Gebiedende wijs

Imperatief

hallucineer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

hallucineren

Gerundium

hallucineren

Onvoltooid deelwoord

hallucinerend

Voltooid deelwoord

gehallucineerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.