Vervoeging van hagelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

hagelen
to hail (weather condition)
weak
Tegenwoordige tijd (ik)hagel
Verleden tijd (ik)hagelde
Voltooid deelwoordgehageld
Volledige vervoeging van het werkwoord hagelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik hagel
jij hagelt (inversie: hagel jij)
u hagelt
hij/zij/het hagelt
wij hagelen
jullie hagelen
zij hagelen

Verleden tijd

ik hagelde
jij hagelde
u hagelde
hij/zij/het hagelde
wij hagelden
jullie hagelden
zij hagelden

Gebiedende wijs

Imperatief

hagel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

hagelen

Gerundium

hagelen

Onvoltooid deelwoord

hagelend

Voltooid deelwoord

gehageld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.