Vervoeging van genezen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

genezen
to heal
strong
Tegenwoordige tijd (ik)genees
Verleden tijd (ik)genas
Voltooid deelwoordgenezen
Volledige vervoeging van het werkwoord genezen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik genees
jij geneest (inversie: genees jij)
u geneest
hij/zij/het geneest
wij genezen
jullie genezen
zij genezen

Verleden tijd

ik genas
jij genas
u genas
hij/zij/het genas
wij genazen
jullie genazen
zij genazen

Gebiedende wijs

Imperatief

genees

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

genezen

Gerundium

genezen

Onvoltooid deelwoord

genezend

Voltooid deelwoord

genezen

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.