Vervoeging van garneren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

garneren
to garnish, to embellish, to decorate
weak
Tegenwoordige tijd (ik)garneer
Verleden tijd (ik)garneerde
Voltooid deelwoordgegarneerd
Volledige vervoeging van het werkwoord garneren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik garneer
jij garneert (inversie: garneer jij)
u garneert
hij/zij/het garneert
wij garneren
jullie garneren
zij garneren

Verleden tijd

ik garneerde
jij garneerde
u garneerde
hij/zij/het garneerde
wij garneerden
jullie garneerden
zij garneerden

Gebiedende wijs

Imperatief

garneer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

garneren

Gerundium

garneren

Onvoltooid deelwoord

garnerend

Voltooid deelwoord

gegarneerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.