Vervoeging van gappen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

gappen
to steal, to appropriate oneself something
weak
Tegenwoordige tijd (ik)gap
Verleden tijd (ik)gapte
Voltooid deelwoordgegapt
Volledige vervoeging van het werkwoord gappen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik gap
jij gapt (inversie: gap jij)
u gapt
hij/zij/het gapt
wij gappen
jullie gappen
zij gappen

Verleden tijd

ik gapte
jij gapte
u gapte
hij/zij/het gapte
wij gapten
jullie gapten
zij gapten

Gebiedende wijs

Imperatief

gap

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

gappen

Gerundium

gappen

Onvoltooid deelwoord

gappend

Voltooid deelwoord

gegapt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.