Vervoeging van fotograferen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

fotograferen
to photograph, to shoot (to take a photograph)
weak
Tegenwoordige tijd (ik)fotografeer
Verleden tijd (ik)fotografeerde
Voltooid deelwoordgefotografeerd
Volledige vervoeging van het werkwoord fotograferen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik fotografeer
jij fotografeert (inversie: fotografeer jij)
u fotografeert
hij/zij/het fotografeert
wij fotograferen
jullie fotograferen
zij fotograferen

Verleden tijd

ik fotografeerde
jij fotografeerde
u fotografeerde
hij/zij/het fotografeerde
wij fotografeerden
jullie fotografeerden
zij fotografeerden

Gebiedende wijs

Imperatief

fotografeer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

fotograferen

Gerundium

fotograferen

Onvoltooid deelwoord

fotograferend

Voltooid deelwoord

gefotografeerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.