Vervoeging van foggeren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

foggeren
to fumigate, to spread insecticide using a fogging device
weak
Tegenwoordige tijd (ik)fogger
Verleden tijd (ik)foggerde
Voltooid deelwoordgefoggerd
Volledige vervoeging van het werkwoord foggeren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik fogger
jij foggert (inversie: fogger jij)
u foggert
hij/zij/het foggert
wij foggeren
jullie foggeren
zij foggeren

Verleden tijd

ik foggerde
jij foggerde
u foggerde
hij/zij/het foggerde
wij foggerden
jullie foggerden
zij foggerden

Gebiedende wijs

Imperatief

fogger

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

foggeren

Gerundium

foggeren

Onvoltooid deelwoord

foggerend

Voltooid deelwoord

gefoggerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.