Vervoeging van doodbloeden

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

doodbloeden
to bleed to death, to bleed out
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)bloed dood
Verleden tijd (ik)bloedde dood
Voltooid deelwoorddoodgebloed
Volledige vervoeging van het werkwoord doodbloeden: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik bloed dood
jij bloedt dood (inversie: bloed dood jij)
u bloedt dood
hij/zij/het bloedt dood
wij bloeden dood
jullie bloeden dood
zij bloeden dood

Verleden tijd

ik bloedde dood
jij bloedde dood
u bloedde dood
hij/zij/het bloedde dood
wij bloedden dood
jullie bloedden dood
zij bloedden dood

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik doodbloed
(dat) jij doodbloedt
(dat) u doodbloedt
(dat) hij/zij/het doodbloedt
(dat) wij doodbloeden
(dat) jullie doodbloeden
(dat) zij doodbloeden

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik doodbloedde
(dat) jij doodbloedde
(dat) u doodbloedde
(dat) hij/zij/het doodbloedde
(dat) wij doodbloedden
(dat) jullie doodbloedden
(dat) zij doodbloedden

Gebiedende wijs

Imperatief

bloed dood

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

doodbloeden

Gerundium

doodbloeden

Onvoltooid deelwoord

doodbloedend

Voltooid deelwoord

doodgebloed

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.